Vaker naar kantoor en minder thuiswerken
Was ABN Amro eerder groot voorstander van thuiswerken, onlangs maakt de bank bekend werknemers weer vaker op kantoor te willen zien. Via de nieuwe cao gaat de bank proberen werknemers te verplichten om minimaal de helft van de werkweek weer op kantoor te zijn. Dat versterkt de verbinding met collega’s, verhoogt de creativiteit en zorgt voor een betere scheiding tussen werk en privé. Eerder zag de bank vooral de voordelen van thuiswerken: de productiviteit is vaak hetzelfde of hoger en het aantal benodigde kantoorwerkplekken is een stuk lager. Net als de huisvestingskosten die daaraan verbonden zijn. Toch past de nieuwe koers van ABN Amro in een trend. Steeds meer werkgevers proberen thuiswerk te verminderen.
Koploper thuiswerken
Sinds de coronapandemie is Nederland koploper als het gaat om het aantal thuiswerkers. Er zijn nu zo’n vijf miljoen medewerkers die kantoor en thuis afwisselen als werkplek. Maar dat aantal gaat veranderen. Volgens werkgeversorganisatie AWVN wil driekwart van de (grotere) werkgevers een minimale aanwezigheid op kantoor van twee dagen per week. In de Volkskrant legde AVWN-woordvoerder Jannes van der Velde uit waarom werkgevers dit nodig vinden: ‘Werkenden zijn sociale dieren, die moeten collega’s in de ogen kunnen kijken, en nieuwkomers moeten kunnen worden ingewerkt. Te veel thuiswerken leidt tot cultuurproblemen en sociale problemen.’
Wil je ook weten hoe je medewerkers mee kan nemen in veranderingen? Volg dan de Training HR verandermanagement.